U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.
1973-05-31 PERS Wetthra 1948 en 1951 (AZ)

1973-05-31 PERS Wetthra 1948 en 1951 (AZ Editie Wetteren)

Dit jaar is het 25 jaar geleden dat de eerste opvoeringen van het Massaspel WETTHRA plaats grepen op de Markt te Wetteren in augustus 1948. 

Deze historische gebeurtenis wekt bij velen aangename herinneringen op. Het loont wel de moeite die even te herhalen bij de herdenking van dit jubileum. 

WETTHRA mag niet ongemerkt worden voorbijgegaan zonder nog even te onderstrepen wat de Wetterse gemeenschap presteerde in 1948 en in 1951. 

Vele medewerkers van toen staan in het programmaboekje vermeld als "kinderen " ; thans behoren zij tot de huidige generatie. Een groot aantal spelers is overgestapt naar de derde leeftijd. Ook vele medewerkers van toen zijn ons ontvallen. Het beeld van sommigen onder hen is ons fris bijgebleven als figuur uit WETTHRA.

 

De geest waarin WETTHRA ontstond, groeide en werd gerealiseerd , behoort tot een typisch verschijnsel van de naoorlogse periode. Driejaar na de bevrijding had het woord "burgerzin" nog inhoud en betekenis. Men geloofde daaraan. De verantwoording van het massaspel WETTHRA in het programmaboekje vertolkt zeer duidelijk de tijdsgeest. We citeren : 

" Nooit werd er zoveel over burgerlijke opvoeding gesproken als thans. Burgerzin en nationale fierheid zijn een actueel thema voor al wie het goed meent met de toekomst van onze gemeenschap. Welnu, we hebben gemeend hiertoe best te kunnen bijdragen door het verwerken van de plaatselijke geschiedenis tot een massaspel : WETTHRA. De lessen uit het verleden -goede en minder goede - aanschouwelijk voorgesteld, bieden aldus de kans beter in te slaan bij het volk. Daarom hebben we getracht de feiten zo objectief mogelijk weer te geven : de grootse daden onzer voorouders zullen den toeschouwer met rechtmatige fierheid vervullen, andere wellicht zullen zijn afkeuring wegdragen : alles saamgenomen zullen ze in niet geringe mate bijdragen, hopen wij, tot de kennis en de intense beleving van eigen aard en zeden. Een artistieke poging met zedelijken en didactischen inslag : ziedaar wat wij beoogd hebben.

Wetteren mag fier zijn op het feit dat STAF BRUGGEN de ré­gie van WETTHRA op zich nam. Toen hij in maart-april 1948 voor de eerste maal inzage kreeg van de eerste teksten, maakte hij een zeer gevatte opmerking. Méér aandacht moest besteed worden aan de vrouw en aan het kind. "WETTHRA is geen stuk voor mannen alleen” zei hij, "WETTHRA wordt niet bekeken alleen door mannen ! " 

De auteurs hielden rekening met zijn suggesties ; het vrouwelijk element werd wat sterker in de kleuren gezet, o.a. in het huwelijksaanzoek van Sigibert aan jonkvrouw Geertrui ; het verzoek om den vrede door Isabella van Portugal aan haar gemaal Filips De Goede ; het afscheid van de boerenkrijger WETTHRA van zijn moeder Maria. De gevoelige snaar werd ook extra getokkeld in de begrafenis van het kindje van boer Jan De Smet, pachter van het Koningsgoed te Vantegem ; ook de kerkbrand en de pestscène waren adembenemend. 

Het vermaarde zesde tafereel, de marktscène met de optocht der reuzen, is eerder aan het toeval te danken. In de oorspronkelijke tekst, nagekeken door Staf Bruggen, was het tafereel voorzien met de inhuldiging van de St Gertrudisreliek (juni 1664). Staf vond het tafereel te statisch. Ook de kostumering zou een hele boel geld kosten : een uitgave die Staf niet verantwoord achtte. 

Toen kwam één van de auteurs op de idee de Wetterse Reuzen bij het massaspel te betrekken samen met de St Pietersviering en het dansen onder de Rozenhoed. Aldus werd het zesde tafe­reel omgezet in een markttafereel waarin het Wetters volksleven op spektakulaire manier aan bod kwam. 

Psychologisch bekeken bereikten de auteurs en de régisseur een scherp kontrast met het vorige tafereel. Na een période van ramp- en tegenspoed, vertolkt in het vijfde tafereel, volgt de vrede en de welstand, op sublieme wijze vertolkt in het zesde tafereel, met de reuzen en de rozenhoedviering. 

Régisseur STAF BRUGGEN was tijdens de repetities een hard man. Zijn diplomatieke handschoenen had hij niet aan om de spelers en de figuranten tijdens de herhalingen aan te pakken. Hij liep hard van stapel wanneer zijn onderrichtingen niet werden gevolgd of wanneer een speler een beweging, een gebaar of zijn plaats op het podium was vergeten. Iedereen had eerbied voor STAF BRUGGEN. Na de repetities was hij de goedheid zelf. 

Hij bleef graag napraten met zijn medewerkers en toneelmeesters. Staf had een hoge waardering voor de spelers, die na een zware dagtaak regelmatig aanwezig waren. De mannen van Den Berg, de Zwaantjes van Beirstoppel, de mannen van Beirnaerts fabriek en de tuinbouwers van de Boskant genoten zijn bijzondere sympathie. 

Na dit inleidend woord over het ontstaan van WETTHRA en de régisseur STAF BRUGGEN schakelen we over naar de spe­lers en de figuranten, om tenslotte even te herinneren aan de rol van de techniek in het massaspel. 

Ongeveer 800 verschillende personen waren bij de opvoering betrokken. Hierin is niet begrepen het Technisch Personeel gelast met de muziekuitvoering, onthaal, kaartenverkoop, toezicht enz. . . enz. . . 

 

1973-06-21 vervolg WETTHRA (AZ) …[ zeer uitvoerig verslag] 

…”

En grandioos is het slottafereel : de honderden spelers staan op het podium geschaard ; boven kantelen en transen wuiven tientallen vlaggen ; koor en orkest zetten Peter Benoits De Schelde in ; uit de spitsramen van de kerktoren die in een weelderig licht baadt, deinen de Belgische driekleur, de Leeuwenvlag en het Wetters vaandel ; de zegeklokken luiden triomfantelijk ; twintig witte duiven scheren klapwiekend boven de menigte, waarover een bloemenregen neerzijgt ; Bengaals vuur giet warme kleuren over deze apotheose en knetterende fu­sées doorklieven de nachtelijke hemel waar zij in duizenden sterren openspatten . . . 

Een daverende ovatie zwol aan als een triomfantelijke hulde aan aan hen die dit onvergetelijk schouwspel uitbouwden. " 

 

Vijf en twintig jaar zijn over WETTHRA heengegaan. Het woord heeft burgerrecht verworven in allerlei kringen. 

Ondertussen is de tijdsgeest sterk geëvolueerd en denkt er welicht niemand meer aan "burgerzin "op het podium te brengen. 

Wanneer WETTHRA nogmaals zou opgevoerd worden, dan zal de tekst moeten herwerkt worden en voorzeker worden ingekort. Wanneer men in de 21e Eeuw een nieuw auteur vindt om een nieuw massaspel te schrijven. met een totaal andere visie op de geschiedenis van het verleden, dan zal hij ongetwijfeld de historische opvoeringen van WETTHRA niet achterwege kunnen laten. 

Van één zaak blijven we echter overtuigd, nl. dat de vredesboodschap van Wetthra van het jaar 1948 en het jaar 1951 even actueel zal zijn in de 21e Eeuw. 

Met deze vredesboodschap sluiten we onze bijdrage : 

Ziet op  naar ’t verleden 

en bouwt uit het heden 

een toekomst omstraald van glorie en licht. 

Reikt allen de handen 

gij, broers aller standen, 

en houdt het oog naar hoger gericht 

Volk van de Schelde : groei uit tot een zee ! 

Volk van de Schelde, 

U allen zij VREE ! 

 —

Zie meer in 1973 (25j na) Wetthra 1948-1951 persartikeln.pdf 

(bewaard in het familiearchief DAEM)

 

—————————